Jongleren in een tropisch regenwoud

Wat is er mooier dan tijdens het jongleren genieten van de natuur hoog in de lucht ! Het zijn niet enkel vogels die ik daar kan bewonderen tijdens het gooien van de hoge cascade. Wat te denken van het koolwitje, de kleine vos, de grote vos en het dagpauwoogje? Vlinders zijn toch ook wel bijzonder. In een tropisch regenwoud lachen ze met een koolwitje want daar fladderen er vlinders rond uw hoofd die zo groot zijn als een uitgevouwen krant! Mensen met een allergie voor tocht of met een loszittend toupetje wordt aangeraden om niet te gaan wandelen of jongleren in het tropisch regenwoud!

Afbeeldingsresultaat voor dog and butterflyVanavond vloog er een ééndagsvlinder in mijn tuin, nét buiten het bereik van mijn jongleerballen, en mijn honden zijn zot van stoere vlinders die binnen het bereik van hondenmuilen durven vliegen. Voor een ééndagsvlinder vind ik het wat vreemd dat die zulke gevaarlijke toeren uithaalt. Dan leef je maar één dag en dan ga je toch je leven wagen om de stoere gast uit te hangen door wat levensgevaarlijke stunten uit te halen. Zelfs onder de ééndagsvlinders heb je geluksvogels en pechvogels. Pechvogels hebben op die ene dag dat ze leven ook nog eens heel slecht weer en vliegen in een tuin waar twee blaffende viervoeters met blinkende tanden naar hun voelsprieten springen. Waar denkt een jongleur aan, die vaak langer dan een dag leeft, als hij zo de natuur zijn gang ziet gaan? Zelfs een jongleur, die toch als geen ander weet dat tijd en ruimte relatief is, begrijpt er vaak niets van. Misschien is vierentwintig uur wel heel erg lang, voor een ééndagsvlinder die niet goed in zijn vel zit. Een jongleur, die het wat minder goed gaat, kan het tij met een paar fikse hoge cascades laten keren. Bij hoge worpen ga je vanzelf naar boven kijken en als het dan ook nog eens regent wordt je lekker nat en doorweekt.

Ik kan enorm blij worden van vlinders in mijn tuin terwijl ik wat sta te jongleren. Ik denk nog wel eens aan heel lang geleden dat er van die mooie donkerrode vlinders met tientallen gelijk tegen de muur van mijn ouderlijk huis zaten. Ik kan me zelfs nog herinneren dat er op de lagere school ergens in een lokaal zo’n vitrinekast stond met verschillende vlinders die met een speld op karton waren vastgepind. Als dat dan allemaal ééndagsvlinders zijn die in het laatste half uurtje van hun leven zijn gevangen dan kan ik dat nog eventueel begrijpen want ik zou het sneu vinden voor die beestjes dat ze juist op die ene dag van hun leven worden gespietst, vroeg in de ochtend.

Wat zou een ééndagsjongleur doen op die ene dag? En dan ervan uitgaan dat het weer op die ene dag goed genoeg is om in de tuin jongleertrucjes uit te halen. Is er dan nog tijd en ruimte voor een nieuw trucje en heeft het zin om het oude vertrouwde trucje nog te verbeteren? Soms heb ik zo weinig tijd om te jongleren dat ik de hoge cascade maar oversla omdat het bij die hoge variant te lang duurt voordat de ballen weer naar beneden komen om verder te kunnen gaan met jongleren. Soms denk ik dat er te weinig tijd is om te doen wat ik wil doen en begin maar niet meer aan een nieuw trucje. Bij het aanleren van een nieuw jongleerkunstje vallen de ballen veel op de grond en dan moet er veel worden gebukt. Wat is er mooier dan tijdens het bukken te kunnen genieten van de natuur op de grond. Wat kruipt daar allemaal rond! Wormen, mieren, krekels, sprinkhanen. Een mens zou er de ballen voor laten vallen! Ik moet er geen tekeningeske bij maken zeker, hoe bijzonder het is voor een jongleur, zonder toupetje en zonder een allergie voor tocht, om in een tropisch regenwoud een nieuw moeilijk jongleertrucje aan te leren.

Geplaatst in Jongleerplezier en getagd met , .