Het jongleerstappenplan

Bij jongleertrucjes met twee ballen is er minder kans dat er iets op de grond valt dan bij kunstjes met drie ballen of meer. Hoe meer ballen er bij betrokken zijn des te meer kans is er op conflicten, botsingen door momenten van onoplettendheid of gewoon door de verkeerde ballen op het verkeerde moment te willen gooien of te vangen. Wanneer ik bij het jongleren met vijf een bal laat vallen, dan ga ik verder met vier en zo verder totdat ik er geen meer om handen heb. Er zijn een aantal leuke trucjes met één of twee ballen maar dan is het beter dat er weinig mensen staan te kijken. Bij trucjes zonder ballen kan er maar best helemaal niemand aanwezig zijn.

Het aanleren van een nieuw jongleerkunstje verloopt in stapjes. En elk stapje heeft zo zijn voor- en nadelen. Soms loopt het lekker en soms niet. Soms gaat het stapje voor stapje en is het amper te merken dat er weer een stapje is gezet. Als het te lang duurt voordat er weer een volgend stapje wordt gezet dan wordt dat als vervelend ervaren en eigenlijk is het aanleren van een jongleerkunstje niet anders dan bij alle andere trucjes en kunstjes in het dagelijkse leven. Leren leren gaat in stapjes, leren fietsen gaat in stapjes, leren lopen gaat in stapjes. Zelfs achter de wijven aanlopen gaat in stapjes. Je begint met een balletje opgooien en als dat goed lukt ga je verder. Het kan voorkomen dat de periode tussen een volgende stap te lang duurt en stop je met het nieuwe trucje om terug te gaan naar de oude vertrouwde kunstjes. Die dan weer het voordeel hebben dat er minder conflicten en botsingen zijn . Er moet minder gebukt worden om op te rapen wat er is gevallen.

Ik kan me van vroeger nog wel pogingen herinneren van nieuwe kunstjes waarbij ik het laatste stapje niet heb gezet omdat de dame in kwestie al een stapje opzij had gezet. Achteraf is dat maar goed ook want anders had ik dit al niet kunnen schrijven. Had ik toen het volledige stappenplan doorlopen dan had ik zeker niet kunnen jongleren met vijf, ‘k had zelfs geen hele lage cascade met drie kunnen smijten. De dame van het afgeblazen kunstje kom ik nog wel eens tegen in de supermarkt. De man die wel dat laatste stapje bij haar heeft gezet loopt er een beetje achter, achter het winkelwagentje vol met lege sherryflessen, appelen, peren en een komkommer. De lege flessen zijn om in te ruilen en het fruit en de komkommer zeker niet om te jongleren. Toch niet voor hem. Jongleren kan hij niet, jongleren mag hij niet. Hij kan wel heel goed, met een schortje voor, een appeltje of een peertje schillen voor zijn vrouwtje.

Het kan toch raar lopen in het leven, vind u niet, beste lezer? Ik hoef niet achter een vrouw te lopen in de supermarkt, achter een karretje. Als ik wil jongleren met appels, peren en komkommers dan doe ik dat. Als ik dat niet wil doen, dan doe ik het niet. Een goed stappenplan is erg belangrijk. De volgende stap is de belangrijkste stap, of toch de stap waar ik het meest naar uitkijk. Morgenochtend wil ik weer een paar stapjes maken. Bij het jongleren, bij het grasmaaien en ik wil naar de markt lopen voor twee hamburgers. Met twee hamburgers kan je een leuk kunstje uithalen maar  ik ga enkel twee hamburgers halen om op te eten. Een voor mijn vrouw en een voor mezelf.

Geplaatst in Louis Jongleerblog en getagd met , .